NJB 2025/421:Glencore. Vervolg op HR 13 november 2020, ECLI:NL:HR:2020:1786. Onrechtvaardigde verrijking. Natrekking. Na het faillissement van Zalco is vloeibaar aluminium gestold in haar fabrieksovens en door natrekking bestanddeel geworden van de fabriek. Het pandrecht van Glencore op het aluminium is daarmee verloren gegaan en de hypotheekrechten van de hypotheekhouders op de fabriek zijn zich ook gaan uitstrekken over het aluminium. Heeft Glencore een vordering uit ongerechtvaardigde verrijking op de hypotheekhouders? Hoge Raad: In een geval van natrekking is een verrijking in beginsel ongerechtvaardigd. Als uitgangspunt heeft echter niet ook te gelden dat in een geval van natrekking in beginsel sprake is van een verrijking. Als hoofdregel heeft dus, ook in een geval van natrekking, te gelden dat het aan de partij die zich op ongerechtvaardigde verrijking beroept, is om te stellen en zo nodig te bewijzen dat de natrekking tot verrijking heeft geleid. Het oordeel van het hof dat Glencore de gestelde verrijking onvoldoende heeft onderbouwd, geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting.