NJ 2024/302
Klaagschrift tegen inbeslagneming niet op openbare raadkamerzitting behandeld i.v.m. COVID-19; vernietiging en terugwijzing.
HR 02-11-2021, ECLI:NL:HR:2021:1568
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 november 2021
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.L.J. van Strien, M. Kuijer
- Zaaknummer
20/01642 B
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS983371:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2021:1568, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑11‑2021
ECLI:NL:PHR:2021:826, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 28‑09‑2021
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑07‑2020
- Wetingang
Essentie
Het klaagschrift is niet op een openbare raadkamerzitting maar schriftelijk behandeld. Dit verzuim leidt tot cassatie, nu de rechtbank geen duidelijkheid heeft verschaft op de vraag van klagers raadsvrouw of haar instemming met een ‘schriftelijke ronde’ meebracht dat klager daarmee ook afstand deed van het recht op een mondelinge behandeling.
Samenvatting
De zittingsgriffier heeft per e-mail, i.v.m. maatregelen vanwege de uitbraak van COVID-19, verschillende mogelijkheden voor de afdoening van de zaak voorgelegd aan klagers raadsvrouw, waaronder de volgende optie: “Er komt een volledige schriftelijke ronde over en weer, waarna de rechtbank beslist, mits afstand wordt gedaan van het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.