Einde inhoudsopgave
RvdW 2011/1424
Familierecht. Testamentaire voogdij; art. 1:280, 292, 301 BW. Art. 81 RO.
HR 18-11-2011, ECLI:NL:HR:2011:BS8795
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
18 november 2011
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, C.A. Streefkerk, G. Snijders
- Zaaknummer
10/04070
- Conclusie
A-G Rank-Berenschot
- LJN
BS8795
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Gezag en omgang
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2011:BS8795, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 18‑11‑2011
ECLI:NL:PHR:2011:BS8795, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 09‑09‑2011
Essentie
Familierecht. Testamentaire voogdij; art. 1:280, 292, 301 BW. Art. 81 RO.
Partij(en)
[De oom ], te [woonplaats], verzoeker tot cassatie, adv.: mr. P. Garretsen,
Conclusie
Conclusie A-G mr. Rank-Berenschot:
Deze zaak betreft de vraag of de bij testament van de moeder als tweede/subsidiair benoemde voogd over haar zoon — de oom van de minderjarige — aanspraak kan maken op de voogdij over zijn neef nadat de moeder is overleden en de biologische vader verklaard heeft zijn (primaire) testamentaire voogdij te aanvaarden.
1. Feiten en procesverloop
1.1
In cassatie kan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.