JOW 2008, 50
daadwerkelijk voordeel; toezeggingen
HR 27-05-2008, ECLI:NL:HR:2008:BC7961
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
27 mei 2008
- Magistraten
Mrs. G.J.M. Corstens, B.C. de Savornin Lohman, J. de Hullu
- Zaaknummer
02917/06 P
- Conclusie
A-G Machielse
- LJN
BC7961
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Sancties
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2008:BC7961, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 27‑05‑2008
ECLI:NL:HR:2008:BC7961, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 27‑05‑2008
Beroepschrift, Hoge Raad, 14‑06‑2007
- Wetingang
Sr art. 36e
Essentie
daadwerkelijk voordeel; toezeggingen
Samenvatting
Vooropgesteld moet worden dat op grond van de wetsgeschiedenis zoals weergegeven in HR 01-07-1997 (JOW 1998/1, NJ 1998, 242) moet worden aangenomen dat, ook gelet op het reparatoire karakter van de maatregel als bedoeld in art. 36e Sr, bij de bepaling van het wederrechtelijk verkregen voordeel dient te worden uitgegaan van het voordeel dat de betrokkene in de concrete omstandigheden van het geval daadwerkelijk heeft behaald. 's Hofs overweging houdt onder meer in dat, voor zover het juist is dat aan betrokkene toezeggingen zijn gedaan dat hij een deel van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.