HR, 16-11-2010, nr. 08/04129 B
ECLI:NL:HR:2010:BM7458
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
16-11-2010
- Zaaknummer
08/04129 B
- Conclusie
Mr. Vellinga
- LJN
BM7458
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:HR:2010:BM7458, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 16‑11‑2010; (Cassatie)
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BM7458
ECLI:NL:PHR:2010:BM7458, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 08‑06‑2010
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2010:BM7458
- Vindplaatsen
Uitspraak 16‑11‑2010
Inhoudsindicatie
Beklag beslag. Cassatieberoep n-o, nu niet binnen de termijn een cassatieschriftuur is ingediend. Aanvullende conclusie AG mb.t. de aanzegging in cassatie.
16 november 2010
Strafkamer
nr. 08/04129 B
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank te Haarlem van 18 augustus 2008, nummer RK 08/906, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door:
[Klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971, domicilie kiezende te [plaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze is een schriftuur ingediend, die echter eerst na afloop van de bij de wet gestelde termijn bij de griffie van de Hoge Raad is ingekomen.
De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het beroep.
2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Nu de klager niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 447, vijfde lid, Sv, zodat de klager in het beroep niet kan worden ontvangen.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart de klager niet-ontvankelijk in het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en W.F. Groos, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 november 2010.
Conclusie 08‑06‑2010
Mr. Vellinga
Partij(en)
Conclusie inzake:
[Klager]
1.
De Rechtbank te Haarlem heeft bij beschikking van18 augustus 2008 het beklag ongegrond verklaard.
2.
Namens klager heeft mr. A. Sennef, advocaat te 's‑Gravenhage, één middel van cassatie voorgesteld.
3.
De aanzegging als bedoeld in art. 447 lid 5 Sv is gedaan op 20 februari 2009, de schriftuur is binnengekomen op 21 april 2009. De schriftuur is dus niet binnengekomen binnen de in art. 447 lid 5 Sv genoemde termijn. Derhalve kan klager niet in zijn beroep in cassatie worden ontvangen.
4.
Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klager in zijn beroep in cassatie.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG