NJ 1923, p. 625
Zetkasteleinschap?
HR 19-02-1923, ECLI:NL:HR:1923:278
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
19 februari 1923
- Magistraten
Mrs. Nijpels, Bosch, Feith, Visser en Taverne
- Zaaknummer
[19021923/NJ_1923,_p._625]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Horecarecht / Drank- en horecavergunning
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1923:278, Uitspraak, Hoge Raad, 19‑02‑1923
- Wetingang
(Drankwet 1904 art. 50 lid 1 onder 1)
Essentie
Zetkasteleinschap?
Samenvatting
Wanneer na vernietiging van een vonnis der Rechtbank in appèl gewezen, de Hooge Raad de zaak naar het Hof verwijst, behoeft voor het Hof geen voorlezing plaats te hebben van de stukken, die reeds ter zitting van het Kantongerecht zijn voorgelezen.
Uit de in het arrest opgenomen bewijsmiddelen heeft het Hof het bewijs kunnen putten dat bekl. niet als vervanger van den vergunninghouder sterken drank verkocht, doch voor eigen rekening.
Voorgaande uitspraak
P. G. T., requirant van cassatie tegen een te zijnen laste gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van den ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.