NJB 2012/728
HR, 06-03-2012, nr. S 10/01717
HR 06-03-2012, ECLI:NL:HR:2012:BT6386
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
6 maart 2012
- Magistraten
Van Dorst, Groos en Buruma
- Zaaknummer
S 10/01717
- Conclusie
A-G Vellinga
- LJN
BT6386
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2012:BT6386, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 06‑03‑2012
- Wetingang
Sv art. 350
Essentie
Les en lies
Uitspraak
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van acht maanden en een werkstraf van 240 uren wegens:
- 1)
verkrachting, meermalen gepleegd en
- 2)
werkzaam zijnde in de gezondheidszorg ontucht plegen met iemand die zich als patiënt aan zijn zorg heeft toevertrouwd.
Het vierde middel bevat de klacht dat het hof de verklaring van de verdachte (bewijsmiddel 3) heeft gedenatureerd.
De Hoge Raad overweegt naar aanleiding van dit middel:
3.2.1. Genoemde, tot het bewijs van feit 1 gebezigde verklaring van de verdachte houdt, voor zover hier van belang, volgens de aanvulling ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.