NJB 2019/266
Schending van het recht op het laatste woord, art. 311 Sv: dit leidt in casu echter niet tot cassatie omdat verdachte geen in rechte te respecteren belang bij zijn klacht heeft. A-G: anders
HR 22-01-2019, ECLI:NL:HR:2019:79
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
22 januari 2019
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, A.J.A. van Dorst en Y. Buruma
- Zaaknummer
16/03365
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:79, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 22‑01‑2019
ECLI:NL:PHR:2018:1376, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 18‑12‑2018
- Wetingang
(art. 311 Sv)
Essentie
Schending van het recht op het laatste woord, art. 311 Sv: dit leidt in casu echter niet tot cassatie omdat verdachte geen in rechte te respecteren belang bij zijn klacht heeft. A-G: anders
Uitspraak
Hoge Raad, o.a.:
2.2.
Uit de processen-verbaal van de terechtzittingen in hoger beroep waarvan de inhoud – voor zover voor de beoordeling van het middel van belang – is weergegeven in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.1 en 3.2 en de overige stukken van het geding, blijkt dat
- -
op de terechtzitting van 23 mei 2016 de verdachte het recht is gelaten het laatst ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.