RAR 2026/64
Rechtsvermoeden omvang arbeidsduur. Kan een vordering tot achterstallig loon worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van de arbeidsomvang wanneer de werknemer zich beroept op het rechtsvermoeden van art. 7:610b BW?
HR 23-01-2026, ECLI:NL:HR:2026:99
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
23 januari 2026
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, H.M. Wattendorff, K. Teuben
- Zaaknummer
25/00774
- Conclusie
A-G mr. G.R.B. van Peursem
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD100327:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:99, Uitspraak, Hoge Raad, 23‑01‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:1010, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑09‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 28‑02‑2025
- Wetingang
Art. 7:610b BW
Essentie
Rechtsvermoeden omvang arbeidsduur. Oproepovereenkomst
Kan een vordering tot achterstallig loon worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van de arbeidsomvang wanneer de werknemer zich beroept op het rechtsvermoeden van art. 7:610b BW?
Samenvatting
Werknemer is op 1 juli 2021 op basis van een arbeidsovereenkomst in dienst getreden van de vof Meram Burger Café Restaurant als oproepkracht in de functie van algemeen medewerker horeca. Partijen zijn in oktober 2022 overeengekomen dat werknemer in verband met de sluiting van Meram Burger zou gaan werken voor Dizayno, een andere vennootschap van één van de vennoten van Meram Burger. De arbeidsovereenkomst is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.