NJB 2018/2211
Legaliteitsbeginsel. Verhouding aanscherping inkeerregeling en artikel 7 EVRM? Wijziging inkeerbepaling te beschouwen als voor de belanghebbende nadelige wijziging van de strafbepaling?
HR 02-11-2018, ECLI:NL:HR:2018:2041
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 november 2018
- Magistraten
Mrs. De Groot, Fierstra, Wortel, Beukers-van Dooren en Cools
- Zaaknummer
17/04086
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Bijzonder strafrecht / Fiscaal strafrecht
Fiscaal bestuursrecht / Boete
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:2041, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑11‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:688, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 14‑06‑2018
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑10‑2017
- Wetingang
Essentie
Legaliteitsbeginsel. Verhouding aanscherping inkeerregeling en artikel 7 EVRM? Wijziging inkeerbepaling te beschouwen als voor de belanghebbende nadelige wijziging van de strafbepaling?
Uitspraak
Hoge Raad, onder meer:
“2.1.1.
Op 30 december 2014 heeft belanghebbende met beroep op de in artikel 67n AWR opgenomen inkeerregeling de Inspecteur op de hoogte gebracht van haar gerechtigdheid tot bankrekeningen bij een Zwitserse bank.
(…)
2.1.3.
Bij de Rechtbank was in geschil of de boeten terecht waren opgelegd voor zover zij betrekking hebben op de jaren 2001 tot en met 2008. Het geschil spitste zich toe op de vraag of het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.