NJB 2011/1959
HR, 11-10-2011, nr. 10/02017
HR 11-10-2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ8193
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
11 oktober 2011
- Magistraten
Mrs. Koster, De Savornin Lohman, Thomassen, Sterk en Loth
- Zaaknummer
10/02017
- Conclusie
A-G Vellinga
- LJN
BQ8193
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2011:BQ8193, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 11‑10‑2011
ECLI:NL:PHR:2011:BQ8193, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 31‑05‑2011
- Wetingang
Sr art. 1 lid 2
Essentie
Toepassing van art. 1 lid 2 Sr als uiteengezet in HR 12 juli 2011, LJN BP6878: Na het begaan van een strafbaar feit wordt de wet, die van toepassing is op het feit, veranderd. Kort gezegd moet onderscheid gemaakt worden tussen enerzijds veranderingen die betrekking hebben op de bestanddelen alsmede het vervallen van strafbaarstellingen en anderzijds veranderingen in het sanctierecht. Van belang is steeds dat de verandering gunstig is voor de verdachte. Bij voor verdachte gunstige veranderingen in het sanctierecht wordt de gunstigste bepaling zonder meer toegepast (zie onder 2.8 van dit arrest); betreft het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.