RAR 2024/147
Verplichtstelling bedrijfstakpensioenfonds. Moet een onduidelijke werkingssfeerbepaling in een verplichtstellingsbesluit ook worden uitgelegd aan de hand van de cao-norm?
HR 30-08-2024, ECLI:NL:HR:2024:1102
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 augustus 2024
- Magistraten
Mrs. C.E. du Perron, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma
- Zaaknummer
23/03079
- Conclusie
A-G mr. B.F. Assink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS984203:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
Arbeidsrecht / Collectief arbeidsrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1102, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑08‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:437, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 19‑04‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 07‑08‑2023
- Wetingang
Art. 2 Wet BPF
Essentie
Verplichtstelling bedrijfstakpensioenfonds. Cao-norm. Uitleg cao.
Moet een onduidelijke werkingssfeerbepaling in een verplichtstellingsbesluit ook worden uitgelegd aan de hand van de cao-norm?
Samenvatting
De Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid (Bpf Bouw) is een bedrijfstakpensioenfonds volgens de Pensioenwet. De deelname aan Bpf Bouw is verplicht gesteld door een besluit van de minister SZW. In de bouw- en infrasector zijn er daarnaast twee sociale fondsen. Bedrijven in deze sector zijn verplicht premies te betalen aan deze twee cao-fondsen op basis van een algemeenverbindendverklaring. In het handelsregister van de Kamer van Koophandel zijn de activiteiten van werkgever omschreven als ‘Projectontwikkeling’. De Commissie Werkingssfeer ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.