NJ 1921, p. 1058
Regeling van rechtsgebied.
HR 20-06-1921, ECLI:NL:HR:1921:2
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 juni 1921
- Magistraten
Voorzitter: Jhr. Mr. W. H. de Savornin Lohman. Raden: Mrs. H. Hesse, H. M. A. Savelberg, Jhr. P. L. van Meeuwen en B. Ort.
- Zaaknummer
[20061921/NJ_1921,_p._1058]
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Openbare orde en veiligheid / Bijzondere onderwerpen
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1921:2, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑06‑1921
- Wetingang
(Militiewet 1912 art. 74; Sv (oud) art. 308.)
Essentie
Regeling van rechtsgebied.
Samenvatting
Nu niet gebleken is, dat aan den beklaagde de krijgsartikelen zijn voorgelezen of hem mededeeling is gedaan, dat hij onder de militaire tucht staat, heeft de krijgsraad terecht geoordeeld, dat de militaire strafwetten op den beklaagde niet toepasselijk zijn.
De burgerlijke strafrechter is dus bevoegd van het door bekl. gepleegde misdrijf kennis te nemen.
Uitspraak
[ p. 1058 ►]
de Auditeur-Militair in het 1e Militaire Arrondissement te ‘s-Gravenhage, om regeling van rechtsgebied in de zaak van H. J. J. W., uit anderen hoofde gedetineerd in de Rijkswei kinrichting te Hoorn;
De Hooge Raad, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.