NJB 2023/984:Strafbare poging en ‘begin van uitvoering’ van cocaïne-invoer, art. 45 Sr: daarvan is sprake bij gedragingen die naar hun uiterlijke verschijningsvorm zijn gericht op de voltooiing van het voorgenomen misdrijf. Een belangrijke beoordelingsfactor hierbij is hoe dicht de vastgestelde gedragingen bij de voltooiing van het voorgenomen misdrijf lagen, bijv. in tijd en/of plaats, en hoe concreet deze daarop waren gericht. Daarmee wordt ook afbakening van de poging ten opzichte van de strafbare voorbereiding bevorderd. Verder kan het bij poging gaan om een samenstel van gedragingen, met inbegrip van die van eventuele deelnemers. De aard van het misdrijf kan van belang zijn, maar niet noodzakelijk is dat al een bestanddeel van het misdrijf is vervuld. In casu heeft het hof niet zonder meer begrijpelijk geoordeeld dat sprake is van een begin van uitvoering nu de lading van pakketten cocaïne van een vrachtwagen door de lokale autoriteiten in de Dominicaanse Republiek is onderschept toen die vrachtwagen onderweg was naar de haven waar de pakketten zouden worden verstopt in een container met deklading en vervolgens zouden worden verscheept naar de haven van Antwerpen. Niet kan worden gezegd dat de gedragingen zodanig dicht in tijd en plaats bij de voltooiing van de invoer in Nederland van cocaïne lagen en al zodanig concreet daarop waren gericht dat sprake is van een begin van uitvoering van de invoer. Bewijsuitsluiting art. 359a Sv omdat opname van OVC-gesprekken in de woning van verdachte zonder CTC advies en zonder goedkeuring van het College van P-G’s heeft plaatsgevonden terwijl de machtiging R-C zich niet in het dossier bevindt? In casu kon het hof oordelen dat bewijsuitsluiting niet noodzakelijk is. Daarvoor is o.a. van belang dat het gestelde vormverzuim betrekking heeft op interne besluitvorming die voorafgaat aan het door het OM toepassen van wettelijke bevoegdheden die verband houden met het opnemen van vertrouwelijke communicatie. Daarnaast is niet aangevoerd dat het plaatsen van middelen voor het opnemen van vertrouwelijke communicatie zonder machtiging van de R-C zou hebben plaatsgevonden.