VR 2014/31
Rijden na ongeldigverklaring van rijbewijs. Bewijs van 'redelijkerwijs moest weten' van ongeldigheid toereikend.
HR 19-06-2012, ECLI:NL:HR:2012:BW8747
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
19 juni 2012
- Magistraten
mrs. Van Schendel, Splinter-Van Kan, Groos
- Zaaknummer
10/05013
- Conclusie
A-G Knigge
- LJN
BW8747
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2012:BW8747, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑06‑2012
ECLI:NL:HR:2012:BW8747, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 19‑06‑2012
- Wetingang
(art. 9 WVW 1994)
Essentie
Rijden na ongeldigverklaring van rijbewijs. Bewijs van 'redelijkerwijs moest weten' van ongeldigheid toereikend.
Samenvatting
De door het hof gebezigde bewijsmiddelen houden in dat het rijbewijs van de verdachte bij besluit van 6 september 2000 ongeldig is verklaard, dat dit besluit zowel bij aangetekende als bij niet aangetekende brief aan de verdachte is verzonden, dat deze brieven niet retour zijn gekomen, dat het CBR op 27 oktober 2000 "het rijbewijs 89317001 van betrokkene" heeft ontvangen en dat de verdachte tot 16 juli 2007 geen nieuw rijbewijs had aangevraagd. Uit die feiten en omstandigheden heeft het hof kunnen afleiden dat de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.