Overigens is uit de op mijn verzoek ingewonnen inlichtingen over de status van het beslag bij het Beslagbureau Noord-Nederland gebleken dat de auto op 11 februari 2020 om baat is vervreemd (met machtiging ex art. 117 Sv). De betreffende opbrengst bedroeg € 886,-. Het beslag is daarmee komen te rusten op de verkregen opbrengst (a.b.i. art. 117, vierde lid, Sv).
HR, 15-09-2020, nr. 19/03130 B
ECLI:NL:HR:2020:1370
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15-09-2020
- Zaaknummer
19/03130 B
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Materieel strafrecht (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:HR:2020:1370, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 15‑09‑2020; (Cassatie, Beschikking)
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2020:801
ECLI:NL:PHR:2020:801, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 30‑06‑2020
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2020:1370
- Vindplaatsen
SR-Updates.nl 2020-0292
Uitspraak 15‑09‑2020
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto van klager onder zijn zus t.z.v. verdenking van rijden zonder rijbewijs, waarna auto in strafzaak tegen zus bij onherroepelijk vonnis verbeurd is verklaard. Bevoegdheid Rb. Is Rb bevoegd tot behandeling klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv, nu tegen vonnis waarbij inbeslaggenomen auto verbeurd is verklaard geen h.b. is ingesteld? HR ambtshalve: Redelijke wetstoepassing brengt mee dat, als gerecht dat bevoegd is tot afdoening van klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv constateert dat sinds indiening daarvan desbetreffende voorwerpen bij inmiddels uitvoerbare beslissing zijn verbeurdverklaard of onttrokken aan het verkeer, dit klaagschrift moet worden opgevat als klaagschrift a.b.i. art. 552b Sv. Indien dat gerecht, gelet op art. 552b.2 Sv, niet bevoegd is tot behandeling van zo opgevat klaagschrift dient het te bepalen dat griffier stukken zal zenden naar het tot die behandeling wel bevoegde gerecht (vgl. ECLI:NL:HR:1993:ZC9284). Vonnis met daarin verbeurdverklaring van personenauto is pas in cassatiefase van beklagzaak onherroepelijk geworden. Ook voor die situatie heeft te gelden dat klaagschrift moet worden opgevat als klaagschrift a.b.i. art. 552b Sv. HR zal met vernietiging van beschikking Rb zaak voor verdere afdoening en behandeling verwijzen naar het ex art. 552b.2 Sv bevoegde gerecht. HR vernietigt beschikking Rb en bepaalt dat stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar Rb.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 19/03130 B
Datum 15 september 2020
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 26 juni 2019, nummer RK 19-004673, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,
hierna: de klager.
1. Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft H. Bakker, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot bepaling dat de stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen.
2. Ambtshalve beoordeling van de beschikking van de rechtbank
2.1
Bij een op 13 mei 2019 ter griffie van de rechtbank Noord-Nederland ingediend klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) is namens de klager om teruggave verzocht van een op 11 april 2019 onder klagers zus [betrokkene 1] inbeslaggenomen personenauto. Daartoe is namens de klager onder meer gesteld dat die personenauto hem toebehoort. De rechtbank heeft het klaagschrift bij beschikking van 26 juni 2019 ongegrond verklaard.
2.2
Uit door de advocaat-generaal ingewonnen inlichtingen bij de rechtbank Noord-Nederland, zoals vermeld in diens conclusie onder 4, blijkt dat de personenauto waarvan klager teruggave verzoekt bij vonnis van 17 januari 2020 in de strafzaak tegen [betrokkene 1] is verbeurdverklaard. Tegen dit vonnis is geen hoger beroep ingesteld, zodat dit onherroepelijk is.
2.3
Het volgende moet worden vooropgesteld. Redelijke wetstoepassing brengt mee dat, als het gerecht dat bevoegd is tot afdoening van een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a Sv constateert dat sinds de indiening daarvan de desbetreffende voorwerpen bij inmiddels uitvoerbare beslissing zijn verbeurdverklaard of onttrokken aan het verkeer, dit klaagschrift moet worden opgevat als een klaagschrift als bedoeld in artikel 552b Sv. Indien dat gerecht, gelet op het tweede lid van dat artikel, niet bevoegd is tot behandeling van het zo opgevatte klaagschrift dient het te bepalen dat de griffier de stukken zal zenden naar het tot die behandeling wel bevoegde gerecht (vgl. HR 23 november 1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC9284).
2.4
In dit geval is het vonnis met daarin de verbeurdverklaring van de genoemde personenauto pas in de cassatiefase van de beklagzaak onherroepelijk geworden. Ook voor die situatie heeft te gelden dat het klaagschrift moet worden opgevat als een klaagschrift als bedoeld in artikel 552b Sv. De Hoge Raad zal met vernietiging van de beschikking van de rechtbank de zaak voor verdere afdoening en behandeling verwijzen naar het ingevolge het tweede lid van artikel 552b Sv bevoegde gerecht.
3. Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de beschikking van de rechtbank;
- bepaalt dat de stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 september 2020.
Conclusie 30‑06‑2020
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto van klager onder zijn zus t.z.v. verdenking van rijden zonder rijbewijs, waarna auto in strafzaak tegen zus bij onherroepelijk vonnis verbeurd is verklaard. Bevoegdheid Rb. Is Rb bevoegd tot behandeling klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv, nu tegen vonnis waarbij inbeslaggenomen auto verbeurd is verklaard geen h.b. is ingesteld? HR ambtshalve: Redelijke wetstoepassing brengt mee dat, als gerecht dat bevoegd is tot afdoening van klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv constateert dat sinds indiening daarvan desbetreffende voorwerpen bij inmiddels uitvoerbare beslissing zijn verbeurdverklaard of onttrokken aan het verkeer, dit klaagschrift moet worden opgevat als klaagschrift a.b.i. art. 552b Sv. Indien dat gerecht, gelet op art. 552b.2 Sv, niet bevoegd is tot behandeling van zo opgevat klaagschrift dient het te bepalen dat griffier stukken zal zenden naar het tot die behandeling wel bevoegde gerecht (vgl. ECLI:NL:HR:1993:ZC9284). Vonnis met daarin verbeurdverklaring van personenauto is pas in cassatiefase van beklagzaak onherroepelijk geworden. Ook voor die situatie heeft te gelden dat klaagschrift moet worden opgevat als klaagschrift a.b.i. art. 552b Sv. HR zal met vernietiging van beschikking Rb zaak voor verdere afdoening en behandeling verwijzen naar het ex art. 552b.2 Sv bevoegde gerecht. HR vernietigt beschikking Rb en bepaalt dat stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar Rb.
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 19/03130 B
Zitting 30 juni 2020
CONCLUSIE
A.E. Harteveld
In de zaak
[klager] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,
hierna: de klager.
De rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen, heeft bij beschikking van 26 juni 2019 het klaagschrift van de klager, strekkende tot teruggave aan hem van een onder [betrokkene 1] in beslag genomen personenauto (een BMW met het kenteken [kenteken] ), ongegrond verklaard.
Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager en mr. H. Bakker, advocaat te Amsterdam, heeft één middel van cassatie voorgesteld.
3. Aan de bespreking van het middel kom ik gelet op het navolgende niet toe. Het gaat in de onderhavige zaak om de inbeslagneming van een auto op de voet van art. 94 Sv, ten aanzien waarvan de klager stelt dat hij eigenaar is. Deze auto is op 11 april 2019 in beslag genomen onder de zus van de klager, [betrokkene 1] , omdat zij daarin reed zonder geldig rijbewijs. Op 13 mei 2019 heeft de klager een klaagschrift als bedoeld in art. 552a, eerste lid, Sv ingediend, strekkende tot teruggave aan hem van de inbeslaggenomen auto. Het klaagschrift is door de rechtbank op 26 juni 2019 behandeld in raadkamer, waarna de rechtbank op dezelfde dag de bestreden beschikking heeft gegeven, waarbij het beklag ongegrond is verklaard.
4. Uit de op mijn verzoek ingewonnen inlichtingen bij de rechtbank Noord-Nederland omtrent de stand van zaken in de strafzaak tegen de zus van de klager [betrokkene 1] (parketnummer 96-088960-19) - in het kader waarvan onderhavig beslag is gelegd - is gebleken dat de auto bij vonnis van 17 januari 2020 is verbeurd verklaard. Tegen dit vonnis is door de zus van de klager noch door de officier van justitie hoger beroep ingesteld en daardoor is dat vonnis uitvoerbaar geworden.
5. In aanmerking genomen dat sinds de indiening van het klaagschrift de betreffende auto bij inmiddels uitvoerbare beslissing is verbeurdverklaard1., brengt een redelijke wetstoepassing mee dat dit klaagschrift moet worden opgevat als een klaagschrift als bedoeld in art. 552b Sv. Nu de Hoge Raad ingevolge het bepaalde in art. 552b, tweede lid, Sv niet bevoegd is tot behandeling van het aldus opgevatte klaagschrift dient te worden bepaald dat de griffier de stukken zal zenden naar het tot die behandeling wel bevoegde gerecht (vgl. HR 23 november 1993, NJ 1994/263), in dit geval de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen.2.
6. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot bepaling dat de stukken ter verdere behandeling en afdoening zullen worden gezonden naar de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Assen.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Voetnoten
Voetnoten Conclusie 30‑06‑2020
Vgl. ook HR 2 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1063, HR 25 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3419 en HR 24 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BU5266.