NJ 2013/554
Bewijsverordening. Exclusieve werking ten opzichte van nationaal procesrecht? Aanwijzing van deskundige; opdracht die gedeeltelijk op grondgebied van lidstaat van verwijzende rechter en gedeeltelijk op grondgebied van andere lidstaat wordt uitgevoerd.
HvJ EU 21-02-2013, ECLI:EU:C:2013:87, m.nt. L. Strikwerda (ProRail/Xpedys)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
21 februari 2013
- Magistraten
A.Tizzano, A. Borg Barthet, M. Ilesic, J.-J. Kasel, M. Berger
- Zaaknummer
C-332/11
- Conclusie
A-G Jääskinen
- Noot
L. Strikwerda
- LJN
BZ6985
- Roepnaam
ProRail/Xpedys
- JCDI
JCDI:ADS96987:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
EU-recht / Marktintegratie
EU-recht / Rechtsbescherming
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2013:87, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 21‑02‑2013
ECLI:EU:C:2012:551, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie (Advocaat-Generaal), 06‑09‑2012
- Wetingang
Essentie
Verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens art. 267 WVEU, ingediend door het Hof van Cassatie (België) bij arrest van 27 mei 2011.
Bewijsverordening. Exclusieve werking ten opzichte van nationaal procesrecht? Aanwijzing van deskundige; opdracht die gedeeltelijk op grondgebied van lidstaat van verwijzende rechter en gedeeltelijk op grondgebied van andere lidstaat wordt uitgevoerd.
Samenvatting
De art. 1, lid 1, onder b, en art. 17 van de Bewijsverordening moeten aldus worden uitgelegd dat het gerecht van een lidstaat dat verlangt dat de handeling tot het verkrijgen van bewijs waarmee een deskundige is belast, wordt verricht op het grondgebied van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.