Einde inhoudsopgave
RvdW 2013/1413
Verblijfsrecht van derdelander die rechtstreekse bloedverwant in opgaande lijn is van jonge kinderen, burgers van Unie. Burgers van Unie geboren in andere lidstaat dan waarvan zij nationaliteit hebben en die hun recht van vrij verkeer niet hebben uitgeoefend.
HvJ EU 10-10-2013, ECLI:EU:C:2013:645 (Adzo Alokpa/Ministre du Travail)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
10 oktober 2013
- Magistraten
R. Silva de Lapuerta, J.L. da Cruz Vilaça, G. Arestis, J.-C. Bonichot, A. Arabadjiev
- Zaaknummer
C-86/12
- Conclusie
A-G P. Mengozzi
- Roepnaam
Adzo Alokpa/Ministre du Travail
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Verdragen EU
EU-recht / Algemeen
EU-recht / Marktintegratie
EU-recht / Rechtsbescherming
Staatsrecht / Grondrechten
Staatsrecht / Nationaliteitsrecht
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2013:645, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 10‑10‑2013
- Wetingang
Uitleg van de art. 20 VWEU en 21 VWEU en van Richtlijn 2004/38/EG van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de Unieburgers en hun familieleden
Essentie
Adzo Domenyo Alokpa e.a. tegen Ministerie van Arbeid, Werkgelegenheid en Immigratie (Luxemburg)
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Cour administrative (Luxemburg) bij beslissing van 16 februari 2012.
Verblijfsrecht van derdelander die rechtstreekse bloedverwant in opgaande lijn is van jonge kinderen, burgers van Unie. Burgers van Unie geboren in andere lidstaat dan waarvan zij nationaliteit hebben en die hun recht van vrij verkeer niet hebben uitgeoefend.
In een situatie als aan de orde in het hoofdgeding moeten de artikelen 20 VWEU en 21 VWEU aldus worden uitgelegd dat zij er niet aan in de weg ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.