JWB 2014/311
Insolventierecht; schuldsanering
HR 11-07-2014, ECLI:NL:HR:2014:1662
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
11 juli 2014
- Zaaknummer
14/02455
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Insolventierecht / Schuldsanering natuurlijke personen
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2014:1662, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 11‑07‑2014
ECLI:NL:PHR:2014:668, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 13‑06‑2014
- Wetingang
Art. 288 lid 1 onder b Fw; art. 288 lid 3 Fw; art. 81 RO
Essentie
Insolventierecht; schuldsanering
Samenvatting
Casus
Het door verzoeker ingediende verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling heeft de rechtbank afgewezen. De rechtbank acht verzoeker tot cassatie ten aanzien van het ontstaan van de boetes niet te goeder trouw in de zin van artikel 288 lid 1, aanhef en sub b, Fw, terwijl de rechtbank ook geen aanleiding ziet om aan de ‘hardheidsclausule’ uit lid 3 van artikel 288 Fw toepassing te geven. Bij arrest bekrachtigt het het vonnis van de rechtbank.
Rechtsvraag
Heeft het hof de grief tegen het goede trouw-oordeel op een te beperkte voet behandeld? Heeft het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.