NJB 2016/2320:Bewijsuitsluiting vanwege het “niet tijdig en naar behoren” informeren van de verdachte over de (gebrekkig uitgevoerde) inzet van een informant, art. 359a Sv: i.c. ontoereikend gemotiveerd oordeel van het hof, waartoe mede relevant is dat het Hof in zijn overwegingen niet heeft duidelijk gemaakt waarom het – reeds vóór de inhoudelijke behandeling van de strafzaak – herstelde verzuim heeft tekortgedaan aan het recht van de verdachte op een eerlijke behandeling van zijn zaak. Overigens kan bewijsuitsluiting als in art. 359a Sv voorzien rechtsgevolg uitsluitend aan de orde komen indien het bewijsmateriaal door het verzuim is verkregen