V-N 2025/57.20
In civiel hoger beroep kan voor grieven onder omstandigheden worden volstaan met verwijzing naar stellingen uit eerste aanleg
HR 12-12-2025, ECLI:NL:HR:2025:1899, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
12 december 2025
- Magistraten
Kroeze, Ter Heide, Teuben
- Zaaknummer
24/03927
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD39450:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Procesorde
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1899, Uitspraak, Hoge Raad, 12‑12‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:723, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 27‑06‑2025
- Wetingang
art. 2:138 en 2:300a BW
Essentie
De Hoge Raad verduidelijkt de eisen die aan een grief in hoger beroep worden gesteld, in het bijzonder het antwoord op de vraag of kan worden volstaan met een verwijzing naar stellingen uit eerste aanleg.
Samenvatting
De zaak ziet op de aansprakelijkheid van (voormalige) bestuurders en feitelijk beleidsbepalers van een zorgstichting die in 2018 failliet is verklaard. De curator vordert hoofdelijke aansprakelijkheid op grond van art. 2:300a (oud) BW jo. art. 2:138 BW. Rechtbank Overijssel acht twee van de drie bestuurders aansprakelijk. Hof Arnhem-Leeuwarden houdt alle drie bestuurders hoofdelijk aansprakelijk. In hoger beroep stellen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.