NJB 2025/2091
Oplegging levenslange gevangenisstraf toelaatbaar gelet op Nederlandse herbeoordelingsprocedure, Nederlandse tenuitvoerleggingspraktijk en art. 3 EVRM? De Hoge Raad oordeelt dat het huidige stelsel van herbeoordeling als geheel voldoende waarborgen biedt dat de tenuitvoerlegging van de levenslange gevangenisstraf in overeenstemming met art. 3 EVRM plaatsvindt, maar ook dat dit niet uitsluit dat de rechter op enig moment tot het oordeel kan komen dat de levenslange gevangenisstraf niet langer kan worden opgelegd omdat is gebleken dat een reële mogelijkheid tot herbeoordeling van de levenslange gevangenisstraf, die in de daarvoor in aanmerking komende gevallen kan leiden tot verkorting van de straf of tot (voorwaardelijke) invrijheidstelling, ontbreekt. De Hoge Raad geeft geen opvolging aan de aanbeveling in de conclusie van de advocaat-generaal om de betreffende bewindspersoon in de gelegenheid te stellen binnen een bepaalde termijn te voorzien in een procedure die voldoet aan de minimumvereisten die uit de Straatsburgse jurisprudentie kunnen worden afgeleid. Gebruikmaking van in andere zaken door rechtshulp uit Canada verkregen ‘Ennetcomdata’: in casu kon het hof oordelen dat de inbeslagname en de overdracht van de ‘Ennetcom-data’ weliswaar een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de gebruikers opleveren, maar dat geen sprake is van een schending van art. 8 EVRM vanwege het onderzoek aan de betreffende data en het gebruik van een deel van die data voor de strafrechtelijke onderzoeken in deze zaak. Betekenis van art. 7, 8 en 52 Handvest en HvJ EU 4 oktober 2024, zaak C-548/21, ECLI:EU:C:2024:830 (CG/Bezirkshauptmannschaft Landeck): de eisen die zijn verwoord in HR 18 maart 2025, ECLI:NL:HR:2025:409, r.o. 5.2.4-5.2.8 zijn ook van toepassing wanneer het gaat – zoals in deze zaak – om een in het kader van rechtshulp overgedragen grote hoeveelheid gegevens die op servers waren opgeslagen en die verband houden met communicatie met mobiele telefoons. In casu ligt in de vaststellingen van het hof besloten dat in deze zaak bij het verrichten van onderzoek aan de ‘Ennetcom-data’ aan deze eisen is voldaan. Van het stellen van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie daaromtrent kan worden afgezien.
HR 08-07-2025, ECLI:NL:HR:2025:1114
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 juli 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, M. Kuijer, T. Kooijmans, T.B. Trotman
- Zaaknummer
24/00081
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Materieel strafrecht (V)
Internationaal strafrecht (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1114, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑07‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:418, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑04‑2025
- Wetingang
(art. 3 EVRM; )
Essentie
Oplegging levenslange gevangenisstraf toelaatbaar gelet op Nederlandse herbeoordelingsprocedure, Nederlandse tenuitvoerleggingspraktijk en art. 3 EVRM? De Hoge Raad oordeelt dat het huidige stelsel van herbeoordeling als geheel voldoende waarborgen biedt dat de tenuitvoerlegging van de levenslange gevangenisstraf in overeenstemming met art. 3 EVRM plaatsvindt, maar ook dat dit niet uitsluit dat de rechter op enig moment tot het oordeel kan komen dat de levenslange gevangenisstraf niet langer kan worden opgelegd omdat is gebleken dat een reële mogelijkheid tot herbeoordeling van de levenslange gevangenisstraf, die in de daarvoor in aanmerking komende gevallen kan leiden tot verkorting van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.