Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/10.5.3.4
10.5.3.4 Eis in reconventie
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS591891:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
Aan dit punt lijkt de literatuur voorbij te gaan. Vgl. o.a. Heemskerk 1972, nr. 49 (en 61?); Kortmann 1994a, p.222;Asser 1999,nr.2.3,5.12en vgl. nr. 6.1; T&C Burgerlijke Rechtsvordering 2002 (M. Ynzonides), Afd. 6, aant. 5. Zie evenwel Rueb 1991, p. 189.
Zie voor literatuur Asser 1999, nr. 2.3, 5.12, vgl. nr. 6.1, p. 491-492; Heemskerk 1972, nr. 49; Kortmann 1994a, p. 222 en p. 224; Rueb 1991, p. 189.
Vgl. o.a. Heemskerk 1972, nr. 49; Rueb 1991, p. 189; Kortmann 1994a, p. 222 en p. 224; Asser 1999, nr. 2.3 en 5.12 (p. 491-492); Vermeulen 2005, p. 169-170.
Zie Kortmann 1994a, p. 224. Anders: Asser 1999, nr. 5.12, die verdedigt dat de lasthebber niet alleen de formele procespartij, maar ook de materiële procespartij is. Zie hiervoor nr. 124.
611. Als de schuldenaar een tegenvordering heeft jegens de schuldeiser, en hij wordt in rechte aangesproken door de inningsbevoegde derde, kan hij alleen dan een eis in reconventie instellen, als de derde ook procesbevoegd is ten aanzien van de schuld van de schuldeiser. De derde treedt in dat geval zowel in conventie (als eiser), als in reconventie (als gedaagde) op in hoedanigheid. De curator, vereffenaar van een nalatenschap en de executeur zijn bevoegd ten aanzien van een vermogen, en zijn om die reden procesbevoegd ten aanzien van beide verbintenissen. De bewindvoerder en de gezamenlijke deelgenoten kunnen in voorkomende gevallen ook bevoegd zijn om zowel te procederen ten aanzien van een vordering als van een schuld. Is de inningsbevoegde derde als formele procespartij niet bevoegd om ook te procederen ten aanzien van de schuld, dan is het indienen van een eis in reconventie niet mogelijk. Het instellen van de eis in reconventie stuit af op de niet-ontvankelijkheid van de eiser in reconventie wegens het ontbreken van procesbevoegdheid bij de gedaagde in reconventie. Art. 136 Rv als zodanig staat aan het instellen van de eis in reconventie niet in de weg.1 De formele procespartij procedeert ten aanzien van zowel de eis in conventie als de eis in reconventie in hoedanigheid, en de materiële procespartij is in beide procedures dezelfde persoon.
Heeft de schuldenaar een tegenvordering jegens de inningsbevoegde derde in persoon, dan kan hij, indien door hem als inningsbevoegde derde in rechte aangesproken, geen eis in reconventie jegens hem in persoon instellen. Het instellen van een eis in reconventie is niet mogelijk als de eiser in conventie is opgetreden in hoedanigheid en de reconventie hem persoonlijk zou betreffen of omgekeerd (art. 136 Rv).2 De derde treedt als eiser in conventie in hoedanigheid op; de eis in reconventie zou hem persoonlijk betreffen.3 De schuldenaar is om die reden ook niet bevoegd om een eis in reconventie in te stellen jegens de lasthebber die in eigen naam procedeert.4 De lasthebber procedeert in hoedanigheid, terwijl de eis in reconventie hem persoonlijk zou betreffen. Het is evenmin mogelijk dat de derde-beslagene, indien in een procedure tot nakoming aangesproken door de beslaglegger, een eis in reconventie jegens de beslaglegger persoonlijk instelt. De beslaglegger procedeert immers in hoedanigheid; hij maakt andermans vordering te gelde. Vordert een vruchtgebruiker nakoming van de rentevordering, dan kan de schuldenaar wei een eis in reconventie tegen hem persoonlijk instellen, omdat de vruchtgebruiker ten aanzien van deze vordering als schuldeiser procedeert.