RAV 2024/68
Letselschade. Kan in een civiele procedure ook vergoeding worden gevorderd van schade die niet in een eerdere strafprocedure is opgevoerd?
Rb. Oost-Brabant 24-04-2024, ECLI:NL:RBOBR:2024:1735
- Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
- Datum
24 april 2024
- Magistraten
Mr. E.C. Zandman
- Zaaknummer
C/01/385192 / HA ZA 22-473
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS976844:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBOBR:2024:1735, Uitspraak, Rechtbank Oost-Brabant, 24‑04‑2024
ECLI:NL:RBOBR:2023:5447, Uitspraak, Rechtbank Oost-Brabant, 15‑11‑2023
- Wetingang
Essentie
Mishandeling. Letselschade. Voegen in het strafproces. Civielrechtelijke procedure. Gezag van gewijsde.
Kan een slachtoffer, in een civiele procedure, volledig in zijn vordering worden ontvangen indien niet alleen vergoeding wordt gevorderd van het deel van zijn schade waar de niet-ontvankelijkverklaring van de strafrechter op ziet, maar ook vergoeding wordt gevorderd van aanvullende schade die in de strafprocedure niet is opgevoerd?
Samenvatting
In de onderhavige civielrechtelijke procedure vordert een slachtoffer een aanvullende schadevergoeding van degene die hem heeft mishandeld. In navolging van een eerdere strafrechtelijke procedure – waarin het slachtoffer zich als benadeelde partij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.