AB 2000, 269
Onpartijdigheid van de rechter; onverenigbaarheid rechterschap met eerdere betrokkenheid in het wetgevingsproces
EHRM 08-02-2000, ECLI:CE:ECHR:2000:0208JUD002848895, m.nt. L.F.M. Verhey (Gonnell/Verenigd Koninkrijk)
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
8 februari 2000
- Magistraten
Costa, Kuris, Tulkens, Fuhrmann, Jungwiert, Greve
- Zaaknummer
28488/95
- Noot
L.F.M. Verhey
- LJN
AD6361
- Roepnaam
Gonnell/Verenigd Koninkrijk
- JCDI
JCDI:ADS660254:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:2000:0208JUD002848895, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 08‑02‑2000
- Wetingang
EVRM art. 6
Essentie
Onpartijdigheid van de rechter; onverenigbaarheid rechterschap met eerdere betrokkenheid in het wetgevingsproces.
Samenvatting
Verwijzing naar EHRM 28 september 1995, NJ 1995, 667 (Procola) (PM: ook in AB gepubliceerd?) Het enkele feit dat de betrokken functionaris de wetgevende vergadering voorzat ten tijde van de vaststelling van de bestreden wettelijke regeling is voldoende om twijfel te doen rijzen omtrent zijn onpartijdigheid als rechter bij de behandeling van het beroep. Strijd met art. 6 EVRM.
Partij(en)
McGonnell,
tegen
Het Verenigd Koninkrijk.
Uitspraak
15
On 10 August 1993 the applicant's current representative made a ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.