TRA 2025/25
De bewijslast bij schending van de informatieplicht.
HR 13-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1871, m.nt. mr. F.M. Dekker
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 december 2024
- Zaaknummer
23/03354
- Noot
mr. F.M. Dekker
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS998618:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1871, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:643, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 14‑06‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 29‑08‑2023
- Wetingang
Art. 7:655 BW; art. 4 Richtlijn (EU) 2019/1152
Essentie
De bewijslast bij schending van de informatieplicht.
Uitspraak
Inleiding
In deze procedure verzoekt de werknemer betaling van diverse geldbedragen, onder meer uit hoofde van een bonusregeling. Daarnaast maakt de werknemer aanspraak op een restant van de transitievergoeding, een billijke vergoeding, achterstallig vakantiegeld, te weinig betaald loon over vakantiedagen en buitengerechtelijke kosten. In deze bijdrage wordt alleen aandacht besteed aan de bonusregeling.
De feiten
De werknemer is van september 2019 tot 1 maart 2021 bij Verisure in dienst geweest als ‘security expert plus’. Er is een bonusregeling van toepassing. In de arbeidsovereenkomst is bepaald dat de bonus bovenop het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.