RBP 2026/19
Nieuw bewijsrecht. Is oud of nieuw bewijsrecht van toepassing op het instellen van een rechtsmiddel bij een inzageverzoek dat is gedaan voor de inwerkingtreding van de Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht en de uitspraak na de inwerkingtreding is gedaan?
HR 06-02-2026, ECLI:NL:HR:2026:201
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
6 februari 2026
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons, G.C. Makkink, K. Teuben
- Zaaknummer
25/02135
- Conclusie
A-G mr. R.H. de Bock
- JCDI
JCDI:BSD99999:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:201, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑02‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:996, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 12‑09‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 11‑06‑2025
- Wetingang
Essentie
Nieuw bewijsrecht. Overgangsrecht. Rechtsmiddelen. Is oud of nieuw bewijsrecht van toepassing op het instellen van een rechtsmiddel bij een inzageverzoek dat is gedaan voor de inwerkingtreding van de Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht en de uitspraak na de inwerkingtreding is gedaan?
Samenvatting
Verzoekster heeft inzage dan wel afschrift in bescheiden verzocht. De rechtbank heeft het verzoek afgewezen en het hof heeft de beschikking van de rechtbank bekrachtigd. Het verzoek is gedaan vóór de inwerkingtreding van de Wet vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht en de uitspraak van het hof is na de inwerkingtreding gedaan. In cassatie ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.