JWB 2016/314
Huurrecht
HR 09-09-2016, ECLI:NL:HR:2016:2053
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
9 september 2016
- Zaaknummer
16/01865
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Huurrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2016:2053, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 09‑09‑2016
ECLI:NL:PHR:2016:880, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 17‑06‑2016
- Wetingang
Art. 80a RO
Essentie
Huurrecht
Samenvatting
Casus
De zaak ziet op de afwikkeling van een inmiddels beëindigde huurovereenkomst.
Rechtsvraag
De klachten zijn zeer divers en feitelijk van aard, dan wel zijn niet eerder bij de feitelijke instanties naar voren gebracht. Een van de minder feitelijke klachten is de volgende: rust op "de verhuurder, die meent een gebrek te hebben verholpen maar constateert dat de huurder zich op een ander standpunt stelt, dan wel dat moet afleiden uit omstandigheden als het niet betalen van de huur, (i) de rechtsplicht [...] om ten overstaan van de huurder na te gaan of dit gebrek is verholpen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.