NJ 1915, p. 145
HR, 30-11-1914
HR 30-11-1914, ECLI:NL:HR:1914:218
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 november 1914
- Magistraten
Voorzitter: Jhr. Mr. W. H. de Savornin Lohman. Raden: Mrs. C. O. Segers, H. Hesse, H. M. A. Savelberg en Jhr. R. Feith.
- Zaaknummer
[30111914/NJ_1915,_p._145]
- Conclusie
Mr. Tak
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Bijzondere onderwerpen bestuursrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1914:218, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑11‑1914
- Wetingang
(Loterijwet 1905 art. 2 onder 2.)
Samenvatting
Het woord „afleveren" heeft taalkundig niet de beperkte beteekenis van het door den verkooper voldoen aan zijn leveringsplicht, maar de veel ruimere van het brengen eener zaak in de macht van een ander, hetzij in of buiten verband met eenigen daartoe verplichtenden titel.
Er is geen grond, om bij de uitlegging van art. 2 der Loterijwet 1905, aan dat woord die gewone ruime beteekenis niet toe te kennen. De op de uitlegging van den inhoud van het bij dagvaarding bedoelde stuk steunende beslissing der Rechtbank, dat de getuige daaraan een zelfstandig recht ontleende, om tegen voldoening aan zekere ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.