NJB 2026/250:Recidiveregeling van art. 123b WVW 1994: op grond van deze bepaling verliest een rijbewijs van rechtswege zijn geldigheid als aan de in die bepaling gestelde voorwaarden is voldaan. Daarvan is kort gezegd sprake bij recidive van verkeersdelicten die met middelengebruik verband houden. Het verlies van de geldigheid van het rijbewijs is daarbij het directe gevolg van het onherroepelijk worden van een tweede veroordeling voor zo’n delict dat is begaan binnen de periode van vijf jaren. De geldigheid van het rijbewijs gaat dus verloren op het moment dat die tweede veroordeling onherroepelijk wordt. Daarbij kan het ook gaan om een rijbewijs dat buiten Nederland is afgegeven, als de houder daarvan in Nederland woonachtig is. Van dit woonachtig zijn in Nederland moet eveneens sprake zijn op het moment dat de tweede veroordeling onherroepelijk wordt. Niet bepalend daarvoor is het moment waarop het feit is gepleegd dat heeft geleid tot de tweede veroordeling.