V-N 2025/8.22
Hofoordeel over bewijsuitsluiting in woonplaatskwestie is volgens A-G Koopman onbegrijpelijk
HR (Parket) 20-12-2024, ECLI:NL:PHR:2024:1398, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad (Parket)
- Datum
20 december 2024
- Zaaknummer
24/02042
- Conclusie
A-G Koopman
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS998337:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Woon- en vestigingsplaats
Fiscaal procesrecht / Proceskostenvergoeding
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2024:1398, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 20‑12‑2024
- Wetingang
Essentie
Advocaat-generaal Koopman concludeert dat het oordeel van het hof onbegrijpelijk is. Volgens de A-G had het hof moeten onderzoeken of het door de inspecteur verkregen bewijsmateriaal het uitsluitend en rechtstreeks gevolg is van de onrechtmatige (verwerking van de) tip.
Samenvatting
In verband met zijn emigratie naar Zwitserland in 2001 is aan X een conserverende IB-aanslag opgelegd in verband met de fictieve vervreemding van zijn aanmerkelijk belang in B BV. In 2011 wordt de conserverende aanslag kwijtgescholden, waarop X de aandelen B BV voor € 21,4 mln. verkoopt. In 2015 ontvangt de inspecteur per e-mail de tip dat X niet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.