NJB 2025/809
Selectie en waardering van het bewijs en het uitdrukkelijk onderbouwd standpunt in de zin van art. 359 lid 2, tweede volzin, Sv: herhaling en toepassing bestendige rechtspraak. In casu was het hof niet gehouden tot een nadere motivering. Voorwaardelijk opzet op medeplegen van witwassen, art. 420bis Sr: in casu heeft de verdachte, door onder de bijzondere omstandigheden in deze zaak niet te vragen waar zijn mededaders de door hen geïnvesteerde grote hoeveelheden cash geld vandaan haalden, bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat ook het geld van zijn mededaders van enig misdrijf afkomstig was. Daartoe telt mede dat het ‘ongebruikelijk is om dergelijke grote geldsommen cash te betalen, zeker als dat cash geld meegenomen moet worden naar het buitenland’. Daarentegen kan uit de bewijsvoering niet worden afgeleid dat de verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de in de bewezenverklaring genoemde onroerende goederen – onmiddellijk of middellijk – afkomstig waren uit enig misdrijf. Het hof heeft vastgesteld dat (i) de verdachte de koopsom van € 60.000 heeft voldaan via overschrijving van dat bedrag van zijn bankrekening; (ii) de verdachte dat bedrag heeft geïnvesteerd door dit te lenen van de medeverdachte; en (iii) de verdachte niet wist waar het geld van medeverdachte vandaan kwam en dit ook niet heeft gevraagd.
HR 08-04-2025, ECLI:NL:HR:2025:539
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 april 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T.B. Trotman, R. Kuiper
- Zaaknummer
22/03707
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:539, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑04‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:107, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 28‑01‑2025
- Wetingang
(art. 420bis Sr; art. 359 Sv)
Essentie
Selectie en waardering van het bewijs en het uitdrukkelijk onderbouwd standpunt in de zin van art. 359 lid 2, tweede volzin, Sv: herhaling en toepassing bestendige rechtspraak. In casu was het hof niet gehouden tot een nadere motivering. Voorwaardelijk opzet op medeplegen van witwassen, art. 420bis Sr: in casu heeft de verdachte, door onder de bijzondere omstandigheden in deze zaak niet te vragen waar zijn mededaders de door hen geïnvesteerde grote hoeveelheden cash geld vandaan haalden, bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat ook het geld van zijn mededaders van enig misdrijf afkomstig was. Daartoe telt ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.