RAV 2011/101
Aansprakelijkheid wegens onrechtmatige daad. Is het handelen zonder vergunning als zodanig onrechtmatig?
HR 02-09-2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ5099 (Stichting Afvaloven Nee/Omrin)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 september 2011
- Magistraten
Mrs. E.J. Numann, A. Hammerstein, J.C. van Oven, W.D.H. Asser, G. Snijders
- Zaaknummer
10/02607
- Conclusie
A-G Spier
- LJN
BQ5099
- Roepnaam
Stichting Afvaloven Nee/Omrin
- JCDI
JCDI:ADS909827:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Milieurecht / Inrichtingen en activiteiten - vergunningen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2011:BQ5099, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑09‑2011
ECLI:NL:PHR:2011:BQ5099, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 13‑05‑2011
Beroepschrift, Hoge Raad, 07‑06‑2010
- Wetingang
BW art. 6:162; Wet milieubeheer (Wm) art. 8.1
Essentie
Milieuvergunning. Onrechtmatigheid. Aansprakelijkheid wegens onrechtmatige daad.
Is het handelen zonder vergunning als zodanig onrechtmatig?
Samenvatting
Verweersters in cassatie, Omrin, willen een verbrandingsinstallatie bouwen op een industrieterrein in Harlingen. Na ontvangst van de bouwvergunning heeft Omrin een start gemaakt met de bouw van de verbrandingsinstallatie. De aanvankelijk verkregen milieuvergunning wordt vervolgens vernietigd door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Stichting Afvaloven Nee vordert dan in kort geding staking van de bouw wegens het ontbreken van een geldende milieuvergunning. Zowel de voorzieningenrechter als het hof hebben de vordering afgewezen op grond van de verwachting dat Gedeputeerde Staten naar ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.