NJ 1979, 189
HR, 21-11-1978, nr. 69852
HR 21-11-1978, ECLI:NL:HR:1978:AC6404
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
21 november 1978
- Magistraten
Moons, Van Der Ven, Royer, Van Den Blink, De Waard
- Zaaknummer
69852
- LJN
AC6404
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1978:AC6404, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 21‑11‑1978
- Wetingang
Essentie
Niet-verzegeld bloedmonster; onderzoek cfm. WVW art. 26, lid 2; proceseconomie.
Samenvatting
Een onderzoek van een bloedmonster kan slechts als ‘een onderzoek’ cfm. art. 26, lid 2, WVW worden aangemerkt, indien de nadere aanwijzingen van de minister van Justitie m.b.t. de verzending zijn nageleefd. Art. 6, lid 1, Bloedproefbeschikking is veronachtzaamd als het monster bij verzending niet was verzegeld en wanneer de verzegeling bij ontvangst door het laboratorium niet meer in ongeschonden staat verkeert. Het Hof heeft derhalve een onjuiste betekenis toegekend aan de uitdrukking ‘onderzoek’ van art. 26, lid 2, WVW. Nu de gebrekkige ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.