NJ 1967, 94
HR, 22-11-1966
HR 22-11-1966, ECLI:NL:PHR:1966:AB5651, m.nt. D. van Eck
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
22 november 1966
- Magistraten
Feber, Eijssen, De Meijere, Moons, Ras
- Zaaknummer
[1966-11-22/NJ_51062]
- Noot
D. van Eck
- LJN
AB5651
- JCDI
JCDI:ADS65531:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Materieel strafrecht / Sancties
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1966:AB5651, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 22‑11‑1966
ECLI:NL:PHR:1966:AB5651, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 22‑11‑1966
- Wetingang
WVW art. 30
Essentie
Voor toepasselijkheid van art. 30 WVW niet nodig dat de bestuurder, die wegrijdt, ook tijdens de aanrijding bestuurder van het motorrijtuig was.
Samenvatting
Hof (blijkens conclusie A-G Berger): Voor de toepassing van art. 30 WVW is niet essentieel wie tijdens het ongeval de aanrijdende auto bestuurde, doch wie na het ongeval als bestuurder van die auto daarmede is weggereden. In genoemd artikel valt niet te lezen dat de aanrijdende en wegrijdende bestuurder een en dezelfde persoon moet zijn.
A-G Berger sluit zich in zijn conclusie, waarin hij ambtshalve aandacht besteedt aan de door het Hof beantwoorde vraag, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.