NJB 2020/1900
Bestuurdersaansprakelijkheid. Vervolg op HR 23 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2172. De heer A is enig aandeelhouder en bestuurder van A BV. A BV was enig aandeelhouder en bestuurder van B BV. Na faillissement van B BV stelt de curator een vordering in tegen de heer A en tegen A BV. Het hof overweegt dat de vordering niet kan worden toegewezen tegen de heer A, omdat de grondslag ervan alleen betrekking heeft op A BV. Hoge Raad: De curator heeft aan de vordering ten grondslag gelegd dat A BV onrechtmatig heeft gehandeld en dat, indien dat zo is, ook de heer A hiervoor aansprakelijk is. In het licht hiervan is het oordeel van het hof onbegrijpelijk
HR 10-07-2020, ECLI:NL:HR:2020:1246
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
10 juli 2020
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, M.V. Polak, C.E. du Perron
- Zaaknummer
19/04676
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:1246, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 10‑07‑2020
ECLI:NL:PHR:2020:416, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 24‑04‑2020
- Wetingang
Essentie
Bestuurdersaansprakelijkheid. Vervolg op HR 23 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2172. De heer A is enig aandeelhouder en bestuurder van A BV. A BV was enig aandeelhouder en bestuurder van B BV. Na faillissement van B BV stelt de curator een vordering in tegen de heer A en tegen A BV. Het hof overweegt dat de vordering niet kan worden toegewezen tegen de heer A, omdat de grondslag ervan alleen betrekking heeft op A BV. Hoge Raad: De curator heeft aan de vordering ten grondslag gelegd dat A BV onrechtmatig heeft gehandeld en dat, indien dat zo is, ook de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.