NJ 1928, p. 916
Onttrekking v. e. minderjarige?
HR 16-04-1928, ECLI:NL:HR:1928:137
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 april 1928
- Magistraten
Mrs. Savelberg, Jhr. Feith, Taverne, Van Dijck en Kranenburg.
- Zaaknummer
[16041928/NJ_1928,_p._916]
- Conclusie
Mr. Van Lier
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1928:137, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑04‑1928
- Wetingang
(Sr art. 279.)
Essentie
Onttrekking v. e. minderjarige?
Samenvatting
De opvatting der Rb. is onjuist; van een onttrekken van een minderjarige aan eenig wettig gezag kan toch slechts sprake zijn, wanneer dat gezag den minderjarige in zijn macht of feitelijke heerschappij had, en die macht of heerschappij door eenige handeling wordt verbroken.
I. c. was dit niet het geval, daar de Voogdijraad de minderjarigen nog niet in zijn macht had, maar deze in de macht der verdachten waren gebleven. Ontslag van rechtsvervolging. 1
Voorgaande uitspraak
Op het beroep van 1°. W. F. A. en 2°. G. W. v. E., requiranten van cassatie ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.