Rechtsgevolgen van stille cessie
Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/4.3.3:4.3.3 Uitoefening van andermans vordering
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/4.3.3
4.3.3 Uitoefening van andermans vordering
Documentgegevens:
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS583629:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-II* 2009, nr. 200.
Zie Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-I* 2008, nr. 153. Er is sprake van een toestemming bij voorbaat door de schuldeiser tot inbetalinggeving van iets anders dan het verschuldigde. Zie Losbladige Verbintenissenrecht 2010 G. W.A. Biemans), art. 6:17, aant. 3; T.M., Parl. Gesch. Boek 6, p. 134.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
207. Als door de overgang van de vordering aan de stille cessionaris de genoemde bevoegdheden toekomen, is het de vraag of ook de stille cedent deze bevoegdheden kan uitoefenen en aan het beding van betaling effectief gebonden is.
Aansluiting dient te worden gezocht bij de regels inzake de uitoefening van het keuzerecht bij een alternatieve verbintenis. De bevoegdheden van de schuldeiser zoals genoemd in art. 6:122 BW en art. 6:123 BW zijn vergelijkbaar met de keuzebevoegdheid van een schuldeiser bij een alternatieve verbintenis (art. 6:17 e.v. BW). De vordering tot betaling van een geldsom in buitenlandse valuta is een facultatieve verbintenis.1 Een dergelijke verbintenis is een enkelvoudige, opeisbare verbintenis. De verbintenis heeft slechts een prestatie tot voorwerp, maar de schuldenaar kan zich kwijten door, ter keuze van hemzelf, de schuldeiser of een derde, in plaats van die prestatie een andere, bepaald aangeduide prestatie te verrichten.2 Overeenkomstige toepassing van de regels inzake de uitoefening van het keuzerecht ligt derhalve voor de hand. De beheersbevoegde derde is op grond van zijn beheersbevoegdheid bevoegd om, in de gevallen genoemd in art. 6:122 BW en art. 6:123 BW, betaling in euro's te vorderen in plaats van buitenlands geld als dit dienstig kan zijn aan een goed beheer van de vordering. De pandhouder en de beslaglegger kunnen overeenkomstig art. 6: 19lid 3 BW aan de schuldeiser een redelijke termijn te stellen of hij nakoming in euro of in buitenlandse valuta wil vorderen. Indien de keuze niet binnen deze termijn geschiedt, komt de bevoegdheid aan de pandhouder respectievelijk de beslaglegger toe.
Als hierover niets nader is bepaald in de lastgeving, mag worden aangenomen dat de stille cedent de bevoegdheden van de schuldeiser zoals gegeven in art. 6:122 BW en art. 6:123 BW mag uitoefenen, als dit dienstig kan zijn aan een goed beheer van de vordering.
208. Het is voorts de vraag of de stille cedent aan het beding van betaling effectief gebonden is. Het antwoord luidt bevestigend. Het beding van betaling effectief bepaalt nader de inhoud van de vordering. De derde, die andermans recht uitoefent, kan om die reden het beding jegens de schuldenaar inroepen. Omdat hij het recht van de stille cessionaris uitoefent, kan ook de stille cedent een beding van betaling effectief jegens de schuldenaar inroepen. Een pandhouder is niet bevoegd een dergelijk beding aan te gaan. Een beheersbevoegde derde daarentegen kan een dergelijk beding aangaan of van een bestaand beding afstand doen, als dit dienstig is aan een goed beheer van de vordering. Ook de beheersbevoegde stille cedent kan een dergelijk beding aangaan of van een bestaand beding afstand doen als dit dienstig kan zijn aan een goed beheer van de vordering.