RFR 2012/93
Huwelijksvermogensrecht. Leidt toepassing van de beleggingsleer tot verrekening van de volledige waarde van de aandelen in een besloten vennootschap?
HR 08-06-2012, ECLI:NL:HR:2012:BV9605
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 juni 2012
- Magistraten
Mrs. J.B. Fleers, A.M.J. van Buchem-Spapens, J.C. van Oven, C.A. Streefkerk, C.E. Drion
- Zaaknummer
11/03261
- Conclusie
A-G mr. F.F. Langemeijer
- LJN
BV9605
- JCDI
JCDI:ADS911918:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Relatievermogensrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2012:BV9605, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 08‑06‑2012
ECLI:NL:HR:2012:BV9605, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑06‑2012
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑07‑2011
- Wetingang
BW art. 1:141 lid 3 jo lid 1
Essentie
Huwelijksvermogensrecht. Periodiek verrekenbeding.
Leidt toepassing van de beleggingsleer tot verrekening van de volledige waarde van de aandelen in een besloten vennootschap?
Samenvatting
Partijen zijn in 1981 met elkaar gehuwd onder het maken van huwelijkse voorwaarden, inhoudende uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen maar met een periodiek verrekenbeding. Als inkomensbegrip is in de akte van huwelijkse voorwaarden opgenomen ‘inkomsten uit arbeid en vermogen’. Gedurende het huwelijk heeft de man een besloten vennootschap opgericht. Die vennootschap houdt 50% van de aandelen in een andere holding, waaronder zich een aantal werkmaatschappijen bevindt. De andere 50% van de aandelen zijn in handen van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.