V-N 2018/58.14
Geen beroep op oude inkeerregeling als inkeer plaatsvindt na aanscherping inkeerregeling
HR 02-11-2018, ECLI:NL:HR:2018:2041, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 november 2018
- Magistraten
De Groot, Fierstra, Wortel, Beukers-van Dooren, Cools
- Zaaknummer
17/04086
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS929864:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Boete
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:2041, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑11‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:688, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 14‑06‑2018
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑10‑2017
- Wetingang
art. 67n AWR
Essentie
De Hoge Raad volgt de overweging van de rechtbank dat de inkeerregeling een bepaling is die op de sanctieoplegging betrekking heeft en derhalve valt onder de werking van art. 7 EVRM. Dit betekent volgens de Hoge Raad echter niet dat X, die is ingekeerd na aanscherping van de inkeerregeling, een beroep kan doen op de (gunstigere) inkeerregeling zoals deze gold ten tijde van het plegen van de strafbare feiten.
Samenvatting
Belanghebbende, X, maakt op 30 december 2014 gebruik van de inkeerregeling. Zij sluit met de inspecteur een vaststellingsovereenkomst, inhoudende dat alle correcties voor de jaren 2001 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.