V-N Vandaag 2019/2891
Volgens A-G moet een afgekocht loonstamrecht belast worden op een door fictie bepaald moment
HR (A-G) 26-11-2019, ECLI:NL:PHR:2019:1218
- Instantie
Hoge Raad (Advocaat-Generaal)
- Datum
26 november 2019
- Zaaknummer
19/01548
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Resultaat uit overige werkzaamheden
Inkomstenbelasting / Uitgaven voor inkomensvoorzieningen
Inkomstenbelasting / Aanmerkelijk belang (box 2)
Loonbelasting / Vrijgesteld loon
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2020:329, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑02‑2020
Beroepschrift, Hoge Raad, 26‑11‑2019
ECLI:NL:PHR:2019:1218, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 26‑11‑2019
- Wetingang
Essentie
A-G Niessen gaat in zijn conclusie in op de vraag of de criteria die gelden voor het tijdstip van genieten ook gelden voor een verboden handeling (afkoop) bij een loonstamrecht.
Samenvatting
X heeft met toepassing van de (oude) stamrechtvrijstelling een ontslagvergoeding aangewend voor een stamrecht bij zijn eigen bv. In 2014 koopt hij het stamrecht af met toepassing van het overgangsrecht bij de afschaffing van de stamrechtvrijstelling. Hierdoor wordt geen revisierente in rekening gebracht en is 80% van de afkoopsom belast. De netto-afkoopsom wordt (bijna geheel) verrekend met een rekening-courantschuld van X aan zijn bv. De af te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.