NJB 2025/1111:Nemo tenetur buiten de strafvervolging. Eiser vordert schadevergoeding in verband met een steekincident. Gedaagde is daarvoor strafrechtelijk veroordeeld. Op zijn hoger beroep in de strafzaak is nog niet beslist. In deze civiele procedure wijzen de rechtbank en het hof de vordering toe op grond van de overweging dat gedaagde de stellingen van eiser onvoldoende gemotiveerd heeft betwist. Hoge Raad: De klachten berusten op het uitgangspunt dat van een persoon die zowel gedaagde is in een civiele procedure als verdachte in een nog lopende strafzaak, terwijl beide zaken hetzelfde feitencomplex betreffen, niet gevergd kan worden dat hij in de civiele zaak de door de wederpartij gestelde feiten gemotiveerd betwist. Dit uitgangspunt is in zijn algemeenheid onjuist. Bij de beoordeling of de gedaagde de stellingen van de eiser voldoende heeft betwist, kan de rechter rekening houden met de positie van de gedaagde als verdachte in het strafproces.