M en R 2007, 72
Bevoegdheid niet afhankelijk van meldingsplicht; oude verhardingslaag is geen bodem
ABRvS 25-04-2007, ECLI:NL:RVS:2007:BA3727, m.nt. J.H.G. van den Broek
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
25 april 2007
- Magistraten
Hammerstein-Schoonderwoerd
- Zaaknummer
200601593/1
- Noot
J.H.G. van den Broek
- LJN
BA3727
- JCDI
JCDI:ADS880327:1
- Vakgebied(en)
Milieurecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2007:BA3727, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 25‑04‑2007
- Wetingang
WBB art. 1; WBB art. 29 lid 1; Besl. overige niet-meldingplichtige gevallen bodemsanering art. 2 lid 1
Essentie
Ook als geen melding is gedaan zijn GS als bevoegd gezag ingevolge artikel 29, lid 1, aanhef en onder a Wbb gehouden een geval van ernstige bodemverontreiniging in een beschikking vast te stellen en, ingevolge artikel 37, lid 1 Wbb (oud) vast te stellen of sanering van het geval urgent is. Een beroep op gewekt vertrouwen kan reeds daarom niet slagen, omdat dit vertrouwen niet door het ter zake bevoegde bestuursorgaan (GS) is gewekt. Na twee zittingen, een onderzoek van de StAB en een gerechtelijke plaatsopneming herroept de ABRvS het besluit van GS ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.