NJ 1947, 381
HR, 03-04-1947: Loosdrechts botenhuis
HR 03-04-1947, ECLI:NL:PHR:1947:BG9452, m.nt. E.M. Meijers (Loosdrechts botenhuis)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 april 1947
- Magistraten
Mrs. Donner, Nypels, Meckmann, van der Flier en Losecaat Vermeer;
- Zaaknummer
[1947-04-03/NJ_138522]
- Noot
E.M. Meijers
- LJN
BG9452
- Roepnaam
Loosdrechts botenhuis
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS144759:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht (V)
Staatsrecht / Decentralisatie
Bestuursrecht algemeen (V)
Verbintenissenrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1947:BG9452, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑04‑1947
ECLI:NL:PHR:1947:BG9452, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 03‑04‑1947
- Wetingang
B. W. art. 1401; Gemeentewetart. 210
Essentie
Onrechtmatige overheidsdaad? Afbreken door gemeente Loosdrecht van een drijvend bootenhuis, hetwelk in strijd met de verordening in de Loosdrechtsche plassen lag, in plaats van dit naar een haven onder Breukelen te brengen.
Samenvatting
De gemeente kan aan het feit dat het bootenhuis alsdan het uitzicht van een naburig café zou hebben bedorven, geen grond ontleenen om van die haven geen gebruik te maken en in stede daarvan het bootenhuis af te breken.
Het had anders kunnen zijn, indien in feite verzet tegen het meren in die haven te verwachten ware geweest, doch de gemeente had dit dan ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.