Einde inhoudsopgave
RvdW 1995, 219
HR, 27-10-1995, nr. 15794
HR 27-10-1995, ECLI:NL:HR:1995:ZC1857
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
27 oktober 1995
- Magistraten
Martens, Roelvink, Korthals Altes, Neleman, Nieuwenhuis
- Zaaknummer
15794
- LJN
ZC1857
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Voorfase
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1995:ZC1857, Uitspraak, Hoge Raad, 27‑10‑1995
- Wetingang
Essentie
Kort geding i.v.m. verzuim in afschrift bevel tot inverzekeringstelling; belangen verdachte.
Samenvatting
Het tweede lid van art. 59 Sv behelst een ten aanzien van het bevel tot inverzekeringstelling in acht te nemen vorm met betrekking waartoe de wet niet bepaalt welke gevolgen aan het verzuim ervan zijn verbonden. Die gevolgen moeten derhalve worden vastgesteld met het oog op de belangen van de verdachte, ter bescherming waarvan het voorschrift strekt.
De verdachte heeft belang bij naleving van het bepaalde in art. 59 lid 2, aangezien hem daardoor de mogelijkheid wordt geboden de rechtmatigheid van het bevel tot inverzekeringstelling te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.