NJ 1972, 60
HR, 02-12-1971
HR 02-12-1971, ECLI:NL:PHR:1971:AB3564, m.nt. D.J. Veegens
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 december 1971
- Magistraten
Wiarda, Dubbink, De Meijere, Peters, Ras
- Zaaknummer
[1971-12-02/NJ_53432]
- Noot
D.J. Veegens
- LJN
AB3564
- JCDI
JCDI:ADS156820:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1971:AB3564, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑12‑1971
ECLI:NL:PHR:1971:AB3564, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 02‑12‑1971
- Wetingang
Rv (oud) art. 99a; Rv (oud) art. 429l
Essentie
Niet-toelating als gemachtigde bij een kantongerecht. Motiveringsgebrek.
Samenvatting
Volgens het zesde lid van art. 99a Rv. moet de Rechtbank, bij welke een niet als gemachtigde toegelaten persoon in hoger beroep is gekomen, beslissen na de betrokken kantonrechter te hebben uitgenodigd de nodige inlichtingen te verstrekken en de appellant te hebben gehoord. Een redelijke toepassing van dit artikel brengt mede dat de van de kantonrechter verkregen inlichtingen ter kennis van de appellant worden gebracht, dat deze in de gelegenheid wordt gesteld zich daartegenover te verweren en dat de Rechtbank van het een en ander in haar beschikking melding maakt. Uit ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.