Het voorlopig getuigenverhoor
Einde inhoudsopgave
Het voorlopig getuigenverhoor (BPP nr. XVII) 2015/253:253 Conclusie: processueel belang
Het voorlopig getuigenverhoor (BPP nr. XVII) 2015/253
253 Conclusie: processueel belang
Documentgegevens:
Mr. E.F. Groot, datum 01-01-2015
- Datum
01-01-2015
- Auteur
Mr. E.F. Groot
- JCDI
JCDI:ADS452234:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van Baars 1971, p. 146-147 en 160; Verburgh 1974, p. 87; Van Nispen 1978, nr. 101; Rodenburg 1985, p. 76; Van der Wiel 2004, nr. 131; Van der Wiel 2005, p. 69.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Concluderend meen ik dat met de term ‘belang’ in art. 3:303 BW het processuele belang bij de vordering of het verzoek wordt bedoeld. De rechter kan beoordelen of voldoende processueel belang bestaat door twee hypothetische situaties tegen elkaar af te zetten: die waarin de vordering of het verzoek wordt toegewezen en die waarin de vordering of het verzoek wordt afgewezen. Als het verschil tussen die twee situaties niet of onvoldoende bestaat, dan bestaat geen of onvoldoende belang in de zin van art. 3:303 BW bij het verzoek.1