HR, 15-04-2025, nr. 23/01061 B
ECLI:NL:HR:2025:565
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15-04-2025
- Zaaknummer
23/01061 B
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:HR:2025:565, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑04‑2025; (Cassatie)
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2025:139
ECLI:NL:PHR:2025:139, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 04‑02‑2025
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2025:565
- Vindplaatsen
Uitspraak 15‑04‑2025
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op hesjes van motorclub onder klager t.z.v. verdenking van voortzetting van verboden organisatie. Ontvankelijkheid cassatieberoep na afstand in cassatiefase. HR: Om redenen vermeld in CAG kan HR het cassatieberoep van klager niet in behandeling nemen. CAG: Klager heeft geen belang meer bij cassatieberoep, nu klager heeft verklaard eigenaar te zijn van inbeslaggenomen hesjes en van deze hesjes onvoorwaardelijk afstand heeft gedaan. Klager n-o.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/01061 B
Datum 15 april 2025
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland van 13 maart 2023, nummer RK 22/022910, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966,
hierna: de klager.
1. Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft de advocaat J.J.J. van Rijsbergen bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het cassatieberoep.
2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad kan het cassatieberoep van de klager niet in behandeling nemen. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 15 april 2025.
Conclusie 04‑02‑2025
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Beklag over beslag hesjes ex art. 94 Sv. Klager heeft geen belang bij cassatie, nu hij als eigenaar afstand heeft gedaan van inbeslaggenomen hesjes. Conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klager in het cassatieberoep.
Partij(en)
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer 23/01061 B
Zitting 4 februari 2025
CONCLUSIE
T.N.B.M. Spronken
In de zaak
[klager] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966,
hierna: de klager
1. Het cassatieberoep
1.1
De rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelystad, heeft bij beschikking van 13 maart 2023 het ex art. 552a Sv ingediende klaagschrift strekkende tot opheffing van het op grond van art. 94 Sv gelegde beslag op de hesjes met de opdruk “ [...] ” en tot teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen ongegrond verklaard.
1.2
Het cassatieberoep is ingesteld namens de klager. J.J.J. van Rijsbergen, advocaat in Breda, heeft twee middelen van cassatie voorgesteld. Het eerste middel houdt in dat uit het proces-verbaal van de raadkamerzitting niet blijkt dat de behandeling van het klaagschrift in het openbaar heeft plaatsgevonden. Het tweede middel klaagt dat de rechtbank ter beoordeling van het klaagschrift een onjuiste maatstaf heeft aangelegd.
2. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
2.1
Naar aanleiding van bij het openbaar ministerie gevraagde inlichtingen over het beslag d.d. 24 mei 2024 blijkt dat de klager op 7 november 2023 heeft verklaard eigenaar te zijn van de inbeslaggenomen hesjes en van deze hesjes onvoorwaardelijk afstand heeft gedaan. Daardoor heeft de klager geen belang meer bij het cassatieberoep.
3. Slotsom
3.1
Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG