NJB 2024/1129
Derdenbeslag. Verklaringsprocedure. Leningovereenkomst. Betalingen aan derden ten behoeve van de leningnemer (voorschieten). Hoge Raad: Partijen kunnen overeenkomen dat uit hoofde van een leningovereenkomst betalingen aan derden kunnen worden gedaan ten behoeve van de leningnemer. Het hof heeft dat niet miskend. Het hof heeft het betoog verworpen dat de in dit geding bedoelde betalingen moeten worden aangemerkt als lening. Dit oordeel berust op waarderingen van feitelijke aard en is voldoende begrijpelijk.
HR 03-05-2024, ECLI:NL:HR:2024:687
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 mei 2024
- Magistraten
Mrs. T.H. Tanja-van den Broek, H.M. Wattendorff, A.E.B. ter Heide
- Zaaknummer
22/02370
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:687, Uitspraak, Hoge Raad, 03‑05‑2024
ECLI:NL:PHR:2023:497, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 12‑05‑2023
- Wetingang
Essentie
Derdenbeslag. Verklaringsprocedure. Leningovereenkomst. Betalingen aan derden ten behoeve van de leningnemer (voorschieten). Hoge Raad: Partijen kunnen overeenkomen dat uit hoofde van een leningovereenkomst betalingen aan derden kunnen worden gedaan ten behoeve van de leningnemer. Het hof heeft dat niet miskend. Het hof heeft het betoog verworpen dat de in dit geding bedoelde betalingen moeten worden aangemerkt als lening. Dit oordeel berust op waarderingen van feitelijke aard en is voldoende begrijpelijk.
Partij(en)
B, adv. mr. P.A. Fruytier, vs. Dennestaete, adv. mr. J. Streefkerk.
Uitspraak
Feiten en procesverloop
In 2016 heeft het hof debiteur D veroordeeld tot betaling aan crediteur ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.