AB 2018/135
De WNT laat geen ruimte voor een categorale uitzondering op de bezoldigingsmaxima voor topfunctionarissen in de zorg, wel voor individuele uitzonderingen in exceptionele situaties.
RvS 14-03-2018, ECLI:NL:RVS:2018:838, m.nt. A.C. Hendriks
- Instantie
Raad van State
- Datum
14 maart 2018
- Magistraten
Mrs. C.H.M. van Altena, B.P. Vermeulen, H.C.P. Venema
- Zaaknummer
201702326/1/A2
- Noot
A.C. Hendriks
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS928661:1
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht / Bijzondere onderwerpen
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Arbeidsrecht / Bijzondere onderwerpen arbeidsrecht
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2018:838, Uitspraak, Raad van State, 14‑03‑2018
- Wetingang
Art. 6.2, 7:1 lid 1, 7.2, 7.3, 8:3 lid 1 Awb; art. 1.1, 1.3, 2.3, 2.4, 2.3, 2.4, 2.5, 2.7 WNT; Wet verlaging bezoldigingsmaximum WNT (WNT-2); Regeling bezoldigingsmaxima topfunctionarissen zorg en jeugdhulp (Regeling)
Essentie
WNT kent bezoldigingsmaxima. Categorale uitzondering voor topfunctionarissen in ziekenhuizen niet toegestaan.
Samenvatting
De strekking van het verzoek van de NVZ is dat een uitzondering wordt gemaakt op het ingevolge art. 2.3 WNT geldende bezoldigingsmaximum voor al haar leden en voor de topfunctionarissen die zij in de toekomst zal benoemen. De minister heeft in het besluit van 28 december 2015 terecht overwogen dat de NVZ heeft verzocht om het maken van een categorale uitzondering. Dit wordt ook bevestigd in het hogerberoepschrift van de NVZ, onder 2.22, waarin is vermeld dat niet wordt gevraagd om één bezoldigingsmaximum, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.